WEEST GERUST ALLES KOMT TERECHT

Door Kurt Jessurun
dinsdag 19 juni 2007

 

Dit was de slogan waarmee Jopi Pengel in 1969 de verkiezingscampagne inging; aldus probeerde hij zijn aanhang te overtuigen dat er níets aan de hand was en hij en zijn NPS wel zouden zegevieren. Jammer genoeg voor hem verloor hij glansrijk en enige maanden later was zijn rol uitgespeeld want hij kwam te overlijden.
De analyse waarom hij verloor laat ik over aan de historici maar feit is dat er wel heel wat aan de hand was.
Niet in de laatste plaats een duidelijk conflict van tegenstrijdige belangen want hij had talrijke petten op.
Zo gek veel is er sindsdien niet veranderd want nog steeds hebben politieke voorlieden een scala aan functies zoals bijvoorbeeld de heer Venetiaan die tegelijkertijd president én voorzitter van zijn partij is.
De verfoeilijke patronage politiek die loyalisten beloond en anderen ,met afwijkende visie, die ook hun steentje willen bijdragen aan de opbouw negeert, viert nog steeds hoogtij.
Net als Pengel doet ook hij alsof er niets aan de hand is en alles wel terecht komt.
Naturlijk komt er niets terecht……
We modderen gemoedelijk voort, verliezen steeds verder de aansluiting met andere opkomende economien in de regio, vinden geen gehoor bij regerende politici en verzuipen ondertussen want het water staat menigeen al tot aan de lippen.
Neen landgenoten wees niét gerust want op deze manier komt er geen zier van wat dan ook terecht.
Dit land heeft nieuw- en fris leiderschap nodig om de volle potentie van de Surinamer tot uitdrukking te brengen.
Leiderschap dat de blik op de toekomst richt maar tegelijk ook de [oude] waarden en normen die dit land zo prettig maakten om er te leven in ere hersteld.
Leiderschap dat afrekend met de enorm hoge belastingen, dat de criminaliteit binnen de kortste keren de kop indrukt, zodanig dat al het dievenijzer aan de huizen gebuikt kan worden als betonijzer voor nieuw te bouwen woningen voor jongeren, fabrieken en scholen.
Leiderschap dat productie werkelijk tot de spil van de economie maakt; dat “levelt” met de samenleving en inspireert. Dat niets van het volk vraagt dat het niet bereidt is zelf te doen.
Suriname dient haar voorhoede-positie in het Caraibbisch gebied terug te krijgen en vorwaarden te scheppen die de terugkomst van de vele broeders en zusters van overzee mogelijk maakt.
Voor de opbouw van het nieuwe Suriname is een ieder nodig; rijk elkaar de hand!
Als dit allemaal en natuurlijk nog veel meer kon gebeuren, kunnen we inderdaad gerust zijn dat werkelijk alles terecht komt!
Klinkt dit veel als zijnde het begin van een verkiezings-campagne?
Wel, mischien bereid ik me al voor op 2010; voor mij een weet voor sommigen nog een vraag…..



“SOMO”

Door Kurt Jessurun
dinsdag 19 juni 2007

De voorzitter van De Nationale Assemblee, “Somo” in de volksmond, bakt ze weer eens bruin!
Hij houdt er namelijk de onhebbelijke gewoonte op na zich tekens in de nesten te werken en daarbij het imago te wekken dat er totààl niets aan de hand is.
De heisa rondom de amnestie-kwestie is het laatste voorbeeld van het bovenstaande; hiermee heeft hij de hele oppositie én de samenleving op het verkeerde been gezet.
Aan de andere kant zeggen zij die hem kennen dat dit Somo ten voeten uit is.
Dat deed hij in het verleden ook al en dit is dus niets nieuws onder de zon
Vanaf zijn verkiezing tot voorzitter is hij constant negatief in het nieuws.
Als het niet rommelt met stichtingen die op twijfelachtige voorwaarden aan gronden komen is het zijn bediende, die voor het gebouw van DNA. sjoemelt  met grondaanvragen.
Zolang we een assembleevoorzitter hebben die niet begrijpt dat er aan dit ambt waardigheid verbonden is dat niet beschaamd mag worden, heeft Suriname als natie een groot probleem.
Een voorzitter die zich bezig houdt met het organiseren van bazaars, beautycontesten, en constant op reis is, notabene op ‘slandskosten, is de verkeerde om de voorzittershamer te hanteren.
Of al dat gereis ook maar iets ten voordele van de staat oplevert zal ik het maar niet hebben!
Hoe lang het hoogste College van Staat dit alles zal toestaan is een open vraag.
Velen daar, zelfs onder de eigen coalitie, hebben er de buik van vol maar durven niet openlijk te rebelleren om de boel vooral niet te laten “bossen”.
Vroeger kon men lachen om zijn spistvondigheden en kleurrijk taalgebruik, tegenwoordig walgt menigeen ervan.
Hij waant zich wél in een sterke positie, immers als hij de coalitie verlaat verliest deze haar meerderheid en wankelt de regering.
De chantage die hij vanwege dit feit pleegt zal de president ongetwijfeld een doorn in het oog zijn en eigenlijk is dit dé politieke testcase van deze regeerperiode voor hem [Venetiaan].
Heeft hij de moed en inzicht om zich van Somohardjo te ontdoen waarmee hij overgens zijn eigen positie in gevaar brengt?
Wie weet; maar het zijn hier daden die tellen en geen woorden.
Zelfs in een coalitie die weinig wapenfeiten op haar blazoen kan schrijven is de inbreng van Pertaja Lehur minimaal; een gemis zal deze partij dus niet zijn.
De politieke impact van het verwijderen van PL uit de coalitie is enorm maar regeren met een minderheidskabinet én de regeerperiode volbrengen zal deze president zeker zijn plaats in de geschiedenisboeken geven, iets wat hij overgens hard nodig heeft!



GRENSKWESTIES

Door Kurt Jessurun
dinsdag 19 juni 2007

Onlangs beluisterde ik een interview met minister Ivan Fernald bij een populair radiostation.
Hij komt over als een Surinamer in hart en nieren die zijn steentje wil bijdragen aan de nationale ontwikkeling.
Hij is weliswaar uiterst voorzichtig maar het kan dat hij bang is om zijn baas, president Venitiaan, op zijn lange tenen te trappen.
In tegenstelling tot zijn collega Santhoki die zich vaak meer als politieman dan als beleidsmaker gedraagt, begrijpt hij dat hij de operationele kant van het leger aan zijn bevelhebber moet overlaten.
Toch heb ik een probleem met minister Fernald;  hij geeft zelf aan dat aan twee belangrijke zaken, noodzakelijk voor het goed fuctioneren van deze werkarm, niet voldaan is. 
Het gaat om het opvoeren van de miltaire manpower en de fondsen om de weerbaarheid te vergroten. Deze zijn echter zó belangrijk dat een compromis hieromtrent haast uitgesloten is.
Het leger heeft als taak de nationale souvereiniteit te verdedigen en dient hierbij alle nodige middelen ter beschikking te hebben. Accepteren dat de fondsen mondjesmaat beschikbaar komen is niet alleen uitermate gevaarlijk ,want er zijn wel degelijk dreigingen maar het is ook in hoge mate frustrerend voor de leiding en manschappen.
Alleen al om deze redenen diende hij zijn mandaat terug te geven, iets waarover hij zich niet zou hoeven te schamen; integendeel! Hij krijgt echt wel zijn kans in de toekomst.
Lijkt me dat de regering de grenskwestie met Guyana op de lange baan schuift want er is een wazige commissie bezig ermee maar de samenleving krijgt weinig of geen informatie.
Terwijl er een politieke oplossing voor de grensproblematiek moet komen dienen we een sterk leger te hebben en dit ook te laten merken.
Diplomatie moet gebackt worden door de bereidheid om resolute daden te kunnen stellen, mocht de tegenpartij andere, minder vreedzaame bedoelingen hebben.
Si vis pacem, para bellum (als je vrede wil, bereidt je voor op oorlog); een gezegde van de Romijnse militaire strateeg, Flavius Renatus (ca. 390 A.D.)
Reeds toen waren leiders ervan doordrongen dat onderhandelen vanuit een positie van (militaire) sterke beter is dan uit één van zwakte!

Het zou naief zijn om dit devies niet degelijk ter harte te nemen.
Hoewel geen van beide landen gebaat zouden zijn bij een gewapend conflict, God behoede het, mogen we Guyana niet slechts op haar woord te geloven.
Van onze westerburen hebben we trouwens meegemaakt dat zij indertijd met geweldadige middelen zich van ons grondgebied hebben meester gemaakt en dat, hoewel er een verdrag ter demilitarisering was gesloten, nl. het verdrag Chacaramas, zij dit aan de militaire laars gelapt hebben.
Ons land heeft er dus alle baat bij dat het leger terdege is uitgerust om weerstand aan uitdagingen en provocaties te kunnen bieden.
Het is daarom noodzakelijk om deze gewapende macht adequaat uit te rusten en de beste training welke mogelijk is te geven.
Niet alleen met het oog op een eventuele Guyanese dreiging; het is niet ondenkbeeldig dat ons land te maken zou kunnen krijgen met de dreiging van het internationaal terrorisme.
Helaas schat de regering het belang van het bovenstaande slecht in.
Het hebben van een goede buur is belangrijk en gezamelijk zouden we heel wat activiteiten ten gunste van beide volkeren kunnen ontplooien maar ook hier geldt het gezegde: “it takes two to tango” (om iets te bereiken zijn beide partners voor nodig)!



SALOMO’S OORDEEL

Door Kurt Jessurun
zondag 17 juni 2007

Na jarenlang de gebeurtenissen van 8 december 1982 voor politieke doeleinden te hebben gebruikt, heeft de regering de moed bijeen gesprokkeld en de rechtsgang enige tijd terug in beweging gezet. 

Iedereen weet dat het vooral gaat om Desi Bouterse, op dat moment de feitelijke leider en op grond hiervan heeft hij de politieke verantwoordelijkheid geclaimed. 

Het heeft er alles van dat dit proces aanstaande is hoewel zaken zoals de precieze aanklacht, de strafmaat waarop het Openbaar Ministerie mikt, en de aanvangsdatum niet bekend zijn. 

Over de huidige commotie in het land waarbij de regering zich verschuilt achter de Trias Politica [scheiding der machten] zal ik het vooralsnog niet hebben. 

Alles wordt gemakshalve op het bord van de leden van de Rechterlijke Macht- en de procureur generaal geschoven. Ondertussen is De Nationale Assemblee in een chaotisch toneel veranderd waarbij de voorzitter een slechte regisseur is en de greep op het geheel totáál heeft verloren! 

Hij heeft zo zijn eigen agenda want komen met een voorstel voor een referendum is een “uphill battle” welke het niet zal halen maar misschien wel deze coalitie bost als een zeepbel. 

Ook het door de NDP ingediende amnestie wetswijzgings-voorstel zal, zelfs indien het door het parlement komt, een gewisse dood sterven want bekrachtiging ervan door de president is immers nodig. 

De hele toestand laat hem natuurlijk met de handen in het haar zitten; temeer daar hij tegenover zich een scherpe, politiek geslepen strateeg in de persoon van Desi Bouterse ziet. 

Immers, een leider van de grootste politieke partij met vele tienduizenden leden ga je niet eventjes ophalen om in de bak te gooien aan de vooravond van dit, voor Suriname, mega proces. 

Deze hoofdpijn heeft de president overigens voornamelijk aan zich zelf te danken; immers door de ongenuanceerde amnestie aan het Jungle Commando en de Tukajanas heeft Bouterse een punt door te menen eventueel ook aanspraak hierop te maken. 

Ik zeg met nadruk eventueel want hij heeft gezegd niet schuldig te zijn aan de moordpartij welke zich op die donkere avond in Fort Zeelandia heeft voltrokken. Als je niet schuldig bent vraag je niet om amnestie dus er is iets anders dat speelt vooral vanwege de mogelijk sterke juridische case welke hij heeft. 

Immers, als het Openbaar Ministerie geen- of onvoldoende wettig- en overtuigend bewijsmateriaal kan produceren en daarentegen Bouterse wél met betrouwbare getuigen op de proppen komt die hem, op het moment van de moorden, ergens anders plaatsen, zal deze rechtszaak een anti-climax blijken te zijn. Dit kan zeer wel de val van het kabinet Venetiaan teweeg zal brengen. 

Chaos en desintegratie in deze onoverzichtelijke situatie zijn dan zeker mogelijk en beter ware het indien een voor iedereen aanvaardbare oplossing gevonden werd. Het landsbelang overstijgt immers alle persoons- en groepsbelangen. 

Misschien moet er uit de lessen van Zuid Afrika geleerd worden waarbij een door Apartheid geteisterd land het ergste voorkwam en het pad van rechtvaardigheid verkoos. 

Een Salomo’s Oordeel is mogelijk wel het beste dat dit land overkomen kan. 

En nu maar hopen dat Mr. Punwasi dit alles niet als opruiend kwalificeert! 



AFSCHAFFEN DIE VRIJE DAGEN!

Door Kurt Jessurun
zondag 17 juni 2007

Het lijkt alsof wij in een voortdurende feestroes verkeren; niet alleen rollen we van de ene vrije dag in de andere maar tussendoor zijn er allerlei gebeurtenissen die een normale werkgang negatief beinvloeden.
Denk niet dat ik niet van feesten en een keertje lekker uitslapen op een vrije dag hou, integendeel!
Vooral wat het eerste betreft ben ik een rasechte Surinamer en gelukkig dat er ontspanning bij ons is.
Jammer genoeg beseffen velen niet dat er ook een tijd van aanpakken moet zijn.
Ondertussen ben ik de tel van het aantal vrije dagen kwijtgeraakt maar het zijn er heel veel.
Zeker de helft kan naar het museum worden verwezen maar de regering moet dit kunnen vekopen aan de samenleving.
In een ontwikkelings-land spreekt het boekdelen dat een regering zoveel vije dagen toestaat en er zelfs nog een paar wil toevoegen. Aloema van het Inheemsen Presidium van PL maakt zich daar sterk voor en de voorzitter zal het ondersteunen; immers, die is een opportunist van het zuiverste water.
Er is echter veel meer aan de hand; zelfs in het Caraibbisch gebied waar de arbeidsinspanning internationaal niet hoog wordt aangeslagen scoren we zó laag dat deskundigen zeggen dat onze werkprestatie totáál niet in verhouding staat tot het loon dat wij ervoor [willen] ontvangen.
Begrijpelijk overgens; bijvoorbeeld, als een belangrijk deel van de deelnemers aan de Avond Vierdaagse  tijdens- en op de maandag volgend op dit evenement niet op het werk komt opdagen zegt dit genoeg over  de arbeids-discipline.
Wie kent de ingeburgerde begrippen als “second Sunday” en “zeven – even” niet welke de arbeidsmentaliteit in dit land tekenen?
Elke werkgever heeft zijn of haar evaringen over met name een slechte opkomst op de werkvloer op de maandag!
Het is waar dat regeringen die decennia-lang het slechte voorbeeld geven niet inspirerend op het volk werken om de hand aan de ploeg te slaan. Om alles op regeringen af te schuiven zou echter niet correct zijn.
We missen discipline en dat begint in het gezin maar een land dat mensen niet centraal stelt in haar ontwikkeling en het gezinsleven niet stimuleert zal oogsten wat het zaait.  
Ook de maatschappelijke groeperingen gaan niet vrijuit; ik kan me tenminste niet herinneren dat eentje ooit de werkende klasse tot meer- en harder werken heeft aangespoord. Dit land is van een zesdaagse- naar en vijfdaagse werkweek gegaan; de zogenaamde 40 urige werkweek. Ik zeg met nadruk zogenaamd want de grootste werkgever, de overheid, laat de ambtenaren veel minder dan dit aantal uren werken.
Ik durf elke weddenschap aan te gaan dat de ambtenaren effectief gemiddeld nauwelijks de helft van dit aantal werken; ze ontvangen echter wel voluit.
Ik heb een video over Suriname in 1947; van zestig jaar geleden dus, waar de commentator klaagt dat in een land waar er zoveel ontwikkeling mogelijk is, het toch voorkomt dat op straathoeken stevige jonge kerels staan te niksen, terwijl er een schreeuwend tekort aan werkkrachten is. Komt dit u anno 2007 niet bekend voor?



GERECHTIGHEID, VREDE EN TROUW

Door Kurt Jessurun
zondag 17 juni 2007

Wie het oor te luisteren legt bij wat er wekelijks door de verschillende columnisten in de bladen wordt geschreven of door “pundits” [wijsneuzen] op radio- en tv verkondigt wordt, komt tot geen andere conclussie dan volgend. 

Het volk, dwars door alle politieke- en maatschapppelijke groepen heen, wil een totale verandering in deze samenleving zien. 

Een verandering van beleid, zicht op de toekomst en vooruitgang ten goede van de gemiddelde burger en de maatschappij. 

Het blijkt dat veel van het ongenoegen op het politieke bord van deze regering wordt geschoven maar ook zij die aan de macht denken te komen bij een volgende verkiezing komen minder gunstig door de beoordeling. 

Geen wonder, decennia van stagnerende ontwikkeling geeft weinig hoop voor de toekomst; vooral als de werkpaarden die dit land uit het moeras moeten trekken zich niet- of nauwelijks aandienen. 

Er is echter een belangrijke bijkomende factor die ontwikkeling remt en dat is de mentaliteit van vele landgenoten. 

Er wordt onvoldoende gedaan om Surinamers te inspireren tot werken aan zichzelf en de opbouw van dit land. Te weinig wordt de nadruk op noeste arbeid gelegd en laat men onze mensen geloven dat ontwikkeling gebasseerd is op de ontwikkelingspot, schenkingen en zachte leningen van andere landen en buitenlandse instellingen. 

Hoeveel van onze mensen kijken niet jaloers naar de werklust en het tempo waarin de vaak verguisde Chineze arbeiders werken? 

Hoeveel zouden de onderwijzers niet kunnen leren van de toewijding waarmee hun collega’s in de VS zich inzetten. Geloof me, die worden ook in het rijke Amerika vaak genoeg onderbetaald maar dat is nog geen aanleiding om het bijltje erbij neer te gooien. 

Natievorming zal mischien wel de belangrijkste taak zijn voor de komende machthebbers. Het volk moet voorgegaan worden in de arbeid; immers, zien doet volgen. Er is een totale mentaliteitsverandering nodig; één die het accent van consumptie verlegd naar productie; van zoveel feesten naar méér en harder werken. 

We moeten toe naar een land waar de eigen inspanning centraal staat en donaties en leningen aanvullend werken en niet omgekeerd. 

Een samenleving waar er werkelijk recht heerst, welke in vrede leeft en die trouw is aan zichzelf en haar burgers 

Een regering dus die zich laat inspireren door de prachtige spreuk in ons wapen verankerd: Justitia, Pietas, Fides! 



LAND VAN MELK EN HONING

Door Kurt Jessurun
zondag 17 juni 2007

Neen waarde lezers, hiermee bedoel ik niet het Beloofde Land zoals Mozes dat zag. Dat was immers slechts een barre woestijn, maar de Israëlieten waren al blij dat ze de slavernij ontvlucht waren en alles was beter dan dat.
Neen het Beloofde Land waar ik het over heb ligt precies hier. Tussen de Marowijne- en Corantijn rivier; het Tumahumak gebergte en de Atlantische Oceaan.
Een land met schijnbaar onuitputtelijke bodemschatten, een vruchtbare bodem,  paradijselijk klimaat en vooral een bijzonder hartelijk, intelligent volk dat, indien geinspireerd, tot grootse daden in staat is!
Er zijn echter tegenkrachten aan het werk; binnenlandse vijanden die bezig zijn op openlijke wijze dit land kapot te maken.
Terwijl ze bezig zijn met zaken die eigenlijk van ondergeschikt belang zijn en niet daadwerkelijk de Republiek vooruit brengen, ontgaat het menigeen dat we in het internationale krachtenspel een steeds groter wordende achterstand oplopen.
Dit is natuurlijk bijzonder pijnlijk want de kansen voor daadwekelijke vooruitgang die zich aandienen zijn namelijk beter dan ooit!
Jammerlijk falen van opeenvolgend politiek leiderschap, dat leidt tot een verdere desintegratie van de toch al zo gefragmenteerde samenleving, kan als de basis-oorzaak hiervan worden gezien.
Met een goudprijs op recordhoogte en een steeds toenemende vraag naar aluminium, water, voedsel, olie, enzovoorts op de wereldmarkt, hadden we in staat moeten zijn genoeg deviezen te verdienen dat het vormen van een reservefonds, dat kan dienen ter financiering van belangrijke ontwikkelings- en moderniserings-projecten, een fluitje van een cent moest zijn.
Zo een fonds zou ook als buffer kunnen dienen indien er een wereldwijde recessie zou onstaan die onze economie zou kunnen schaden.
De leiders die ons voorgaan leven van dag tot dag en komen niet toe aan het veiligstellen van dit land waardoor, als we niet oppassen, onze kinderen een leeggeroofde plantage in handen krijgen.
Als we naar de parade kijken van bedrijven en landen die zich steeds weer aandienen om ook een stukje van onze koek te krijgen, zal het duidelijk zijn dat er hier iets bijzonder aan de hand is. Zó bijzonder dat we grif elk land- en elk buitenlands bedrijf accomoderen in ruil voor slechts kruimels terwijl we bij goed bestuur onze koek kunnen verveelvoudigen.
Onze leiders zaaien niet, ze hebben immers nooit met de voeten in de modder gestaan. Ze gaan wel naar de kerk maar luisteren slecht naar de preek anders hadden ze zich de Parabel van de Zaaier wel herrinerd.
Want hij die zaait, zaait het woord. En het geschiedde toen hij zaaide dat een deel viel in de goede aarde en het kwam op en gaf vrucht en het droeg dertig- en zestig- en honderdvoud.
En hij die in goede aarde bezaaid is, die is degene die het woord hoort én verstaat en ook vrucht draagt, en hij geeft de één een-honderd-, de andere zestig- en een ander dertigvoud.
Wie oren heeft om te horen, die hore!



SURINAME IS MOE

Door Kurt Jessurun
zondag 17 juni 2007

Er heerst een beklemmende stilte aan het politieke front; de president zwijgt in alle talen in een tijd dat hij met zijn volk behoort te spreken; de oppossitie is in slaap gevallen of heeft het te druk met andere zaken.
Alleen de voorzitter van De Nationale Assemblee zegt af en toe wat nonsens.
Zelfs de pers weet schijnbaar niet wat te maken van dit alles…..
De samenleving gaat haar gangetje en lijkt lamgeslagen door de dagelijkse ellende van verminderde koopkracht alle optimistische berichten over de stabliele economie ten spijt.
Iedereen lijkt wel in een depressie maar helaas biedt dit geen soelaas want arme landen als het onze kunen zich zoiets natuurlijk niet veroorloven. Er dient immers brood op de plank te staan voor de kinderen en gestaag gewerkt te worden aan de vooruitgang van het gezin en alzo aan dat van de natie.
Dat lijkt allemaal echter verder dan ooit; immers, in een land waar het volk niet ginspireerd wordt door haar leiders die haar voorgaan in de opbouw is stilstand, ja zelfs achteruitgang, troef.
De politiek belazerd deze samenleving al vele jaren met slappe praatjes alsof giften, donaties en zachte leningen echte vooruitgang voor moesje, pae en maie  kunnen brengen.
Daar waar er werkelijk echte ontwikkeling kan worden gebracht falen onze leiders op een schandelijke wijze!
De deals afgesloten met de multinationals die hier opereren liegen er echt niet om.
Zolang we hierin geen fundamentele verandering kunnen brengen is het zinloos en zelfs crimineel om met andere  gegadigden zoals die uit China en India te gaan onderhandelen.
De leiders die zeggen in naam van hun achterban te werken kunnen dit niet hard maken daargelaten dat ze voor de samenleving als totaliteit moeten werken en niet slechts voor de [etnische] groep waaruit ze voortkomen.
Inderdaad, deze schadelijke vertoningen matten de samenleving af want een ieder voelt het en het einde schijnt niet in zicht.
Het is aan de hand van dit alles dat ik dan ook durf te voorspellen dat de volgende verkiezingen, of die op korte termijn of over drie jaar plaats vinden, de grootste verschuivingen allertijden te zien zullen geven.
Hiermee is niet gezegd dat de huidige opposite die al regeermacht ruikt, zal overnemen. Ook zij zouden weleens kunnen merken dat waar twee honden om een been vechten een derde ermee vandoor gaat!



DE KONING VAN TONKA EILAND

Door Kurt Jessurun
zondag 17 juni 2007

Na al het negatieve dat uit de politieke hoek op je afkomt is het een verademing om over iets positiefs te kunnen schrijven!
Frits van Troon, de botanist (plantenkenner) bij uitstek in dit land is wel een opmerkzaam eerbetoon ten deel gevallen in Nederland, iets wat in eigen land tot nu toe achterwege is gebleven.
Na eerder, enige jaren terug,  de “Orde van de Gouden Ark” uit handen van wijlen prins Bernhard te hebben ontvangen, is hem nu in een bomvolle zaal van het Tropenmuseum de “Graman Gazon Matodja Award” uitgereikt.
Ook een uitgebreide documentaire, gewijd aan deze grote zoon van Suriname, heeft tijdens zijn bezoek aldaar het licht gezien.
Vreemd eigenlijk dat landgenoten die unieke prestaties hebben geleverd wel in andere landen hiervoor worden ondescheiden maar in eigen land vaak nauwelijks díe aandacht krijgen die ze verdienen.
Frits van Troon bezit een unieke kennis over de plantenwereld van het Amazone regenwoud; een gebied dat vanwege de natuurlijke rijkdom, in dit geval met betrekking tot medicinale planten, wereldwijd enorm in de belangstelling staat.
Gerenommeerde onderzoekcentra hebben kunnen vaststellen dat in dit gebied talloze planten met de potentie om vrijwel alle voorkomende ziektes te kunnen genezen, weelderig groeien.
Wat heeft het Minsterie van Onderwijs tot nu toe gedaan om deze kennis van Frits van Troon vast te leggen en te behouden voor het nageslacht?
Helaas bitter weinig en dat is eigenlijk een nationale schande; waarschijnlijk wordt er teveel aandacht besteedt aan zij die niets te zeggen hebben maar aan degenen die inhoudelijk veel meer voorstellen gaan we gewoon voorbij.
Figuren als deze van Troon komen slechts eens in de zoveel tijd naar voren en onderzoekers in het buitenland weten dat; het zou me dus niets verbazen als hij over een tijdje nog een ere-doctoraat van een top universiteit aangeboden krijgt.
Hiermee gaat dan uiteraard een primeur voor onze eigen universiteit verloren want deze had reeds lang geleden hem dit moeten aanbieden voor zijn fenominale bijdrage op wetenschappelijk botanisch gebied in Suriname.
We zijn maar met z’n weingen in dit grote land en grote zonen en dochters zijn dun gezaaid; laten we hun daaron díe eer geven die ze verdienen, zeker als ze nog in leven zijn.
We kennen ze wel maar gaan te vaak genoegzaam aan hun bijzondere kwaliteiten voorbij.
De grootste eer die we Frits kunnen geven is toch wel om zijn kennis vast te leggen en te verspreiden en zo niet alleen zijn faam en naam helpen uitdragen maar zeker ook die van ons eigen land.
Deze kennis zal niet alleen ons ten goede komen maar velen daarbuiten; tot Heil, Zegen en Voorspoed van de gehele mensheid.



PANYA GAS

Door Kurt Jessurun
zondag 17 juni 2007

 

De huidige perikelen in het politieke circus maken duidelijk dat de druk op de ketel danig toeneemt.
Het staatshoofd lijkt de grip op zaken totáál verloren te hebben en elke beslissing die hij neemt wordt met argusogen door de samenleving gevolgd.
Na gered te zijn in de kwestie Amafo, die hem een moeilijke beslissing uit handen nam door zelf te bedanken, kijkt iedereen nu uit hoe hij zal handelen tegen Ronnie Brusnwijk, die behendig manouvreerd met het geplaatst krijgen van  vrouwtjelief als minister! Hij [Brunswijk] zal echt niet zo tegemoet komend zijn als Alice in Wonderland.
De president heeft het laatste woord bij het benoemen- en ontslaan van ministers; als je een sterke president wil zijn moet je moeilijke beslssingen durven nemen. Hij ontkomt er dus niet aan de juiste uitspraak te doen in dit geval waar het “conflict of interest” er van alle kanten afdruipt.
Je wordt er als burger moe van; een regering waar er zóveel tegenstrijdige persoonlijke- en groepsbelangen zijn kan natuurlijk nóóit enige ontwikkeling tot stand  brengen.
Soms denk je:  “sit back, relax and enjoy the crash” [ leun achterover, ontspan je en geniet van het te pletter vallen] van dit zootje en kijk hoe ze [de regering] zichzelf compleet in de vernieling rijdt, hierbij handig geholpen door Jenny en Jiwhan.
Immers, de tijdbom onder stoel van deze president wordt steeds groter; het afgaan is slechts een kwestie van tijd en zal eerder vroeger dan later gebeuren.
In plaats van panja gas (plank gas) te werken aan de ontwikkeling van ons land, heeft het er alles van dat de samenstellende delen van de regering juist in verhoogd tempo bezig zijn met het eigen belang maar dit laatste is natuurlijk allang geen nieuws meer.
Het gezegde “na ons de zondvloed” lijkt hun lijfspreuk te zijn geworden.
Des te gebiedender is het daarom dat zij die denken over te nemen ook panja gas werken aan ontwikkelings-en moderniseringsplannen als zij het roer in handen krijgen.
Niet wachten tot het moment dáár is om dan te gaan nadenken en met een verkiezingings-programmatje van 12 bladzijden te komen wapperen van het politieke podium alsof dat de redding voor de staat zal zijn.
Neen waarde lezers, zij die zich geroepen voelen dit land uit de modder te halen zullen met de voeten hierin moeten staan en aan de basis van deze samenleving werken om het volk duidelijk te maken: op jóu komt het aan!