OBAMA
zondag 17 juni 2007
Barrack Obama heet hij, de jonge senator uit de Verenigde Staten, die als het ware uit het niets komt en een gooi naar het presidentsschap wil doen bij de verkiezingen die over twee jaar plaats vinden.
Heel Amerika loopt met hem weg; hij brengt een krachtige boodschap en schijnt het vermogen te hebben om weg te nemen wat verdeelt en te versterken wat bindt.
Hij weet als kleurling de raciale barrière die, ondanks propaganda naar buiten toe, nog bijzonder sterk is te doorbreken. Ook weet hij de ouderen nieuwe hoop te geven en de jongeren warm te maken om mee aan het politieke proces te doen.
Een paar voornemens van hem zijn om het danig gedeukte imago, dat de Verenigde Staten onder president Bush heeft opgelopen, op te poetsen en de enorme binnenlandse uitdagingen waarvoor het land staat op te lossen waarbij de Amerikanen deel van de oplossing dienen te zijn.
Dit is voorwaar inspirerend leiderschap en als het hem lukt zijn formidabele rivaal Hillary [Clinton], de grote tegenkandidaat voor de nominatie, te verslaan dan ligt inderdaad de weg naar het Witte Huis open.
Wat kunnen wij voor ons land uit het voorgaande meenemen?
Als eerste dat ons land nu eindelijk aan jong en insprerend leiderschap toe is dat de samenleving bindt, de ouderen hoop geeft en de jongeren aanspoort hun potentie ten volle te benutten.
Als de nummerieke meerderheid van deze bij de stembus tot uitdrukking kan worden gebracht, maken we dan eindelijk de lang verwachte aardverschuiving bij de verkiezingen van 2010 mee.
Leiderschap dus dat dit land op de rails naar hervorming van de totale gemeenschap kan zetten.
Welke huidige politici en zij die zich geroepen voelen, hebben de moed reeds nú te zeggen dat ze ambitie hebben om dit land te leiden naar de zo begeerde betere toekomst?
Niet zoals president Venetiaan die zich alle keren verschool achter een flauwe smoes en niet de moed had dit volmondig te bekennen; ook niet wat Desi Bouterse deed om zich te profileren en op het laatste moment terug te treden.
Hoewel ons kiessysteem fundamenteel van het Amerikaanse verschilt, bijvoorbeeld Suriname kent geen rechtstreekse presidentsverkiezingen, heeft de samenleving wél alle recht om ver voor 2010 te weten wie zich sterk voor dit hoogste ambt maakt.
Wie durft hier de kat de bel aan te binden?
Zou weleens kunnen dat 2008 het jaar van de grote verrasingen wordt……wie weet!